Wat meet Metas

De vragenlijst van Metas is gebaseerd op 7 gedragsdimensies

Wat meet Metas

De vragenlijst van Metas is gebaseerd op 7 gedragsdimensies

De vragenlijst van Metas is gebaseerd op 7 gedragsdimensies. Deze gedragsdimensies zijn vertaald in indicatoren. Ze vormen de basis voor de Metas- vragenlijst. Elke indicator bestaat uit een aantal vragen. De antwoorden op deze vragen geven een score op de gedragsdimensies.

De 7 gedragsdimensies zijn: 

1. Zoekintensiteit

Deze gedragsdimensie geeft aan hoeveel moeite iemand heeft om werk te vinden. De zoekintensiteit is gebaseerd op het aantal uren dat iemand per week naar werk zoekt en het aantal zoekkanalen die iemand gebruikt. Voorbeelden van de gedragsdimensie zoekintensiteit zijn bijvoorbeeld: inschrijven bij uitzendbureaus, bellen met werkgevers of het eigen netwerk inschakelen.

2. Voorbereiding & initiatief

Deze gedragsdimensie geeft inzicht in de kwaliteit van het zoekgedrag. Iemand kan bijvoorbeeld nog veel op internet zoeken, maar bereidt hij of zij zich ook voor door bijvoorbeeld informatie over werkgevers te zoeken op internet of door overzichten samen te stellen van vacaturesites?

Het blijkt dat werkzoekenden die via veel verschillende kanalen zoeken vaker werk vinden/hervatten. Niet alleen veel zoeken maar ook goed zoeken is daarbij van belang. Daarnaast zijn aspecten als het opstellen van goede brieven, zichzelf goed presenteren bij een sollicitatiegesprek en weten wat voor baan men zoekt belangrijk bij de zoektocht naar geschikt werk.

3. Acceptatiebereidheid

De gedragsdimensie acceptatiebereidheid heeft veel weg van veranderbereidheid. Het is de bereidheid om passend werk te accepteren. Cliënten scoren hoog op deze gedragsdimensie als ze bereid zijn extra inspanningen te leveren (zoals bijvoorbeeld scholing) of door concessies te doen bij salaris of functietype (geldt ook voor lager geschoold werk).

4. Geloof in eigen werkzoekvaardigheden

Bij deze gedragsdimensie geven cliënten aan hoe goed hun vaardigheden zijn op het gebied van werk zoeken. Denk hierbij aan vaardigheden zoals vacatures op internet zoeken, een sollicitatiebrief schrijven, een cv maken, het eigen netwerk om tips of ondersteuning vragen of een sollicitatiegesprek voeren.

5. Geloof in eigen werknemersvaardigheden

De eigen werknemersvaardigheden worden bij het bepalen van deze gedragsdimensie door de cliënt zelf beoordeeld. Bijvoorbeeld op tijd komen, samenwerken met anderen en omgaan met de leidinggevende.

6. Vertrouwen in arbeidsmarktkansen

Deze gedragsdimensie geeft aan hoe cliënten de kans inschatten dat zij snel werk vinden. Zo krijgen ze vragen over of zij vinden dat werkgevers goed kijken naar hun kwaliteiten, of ze op eigen kracht werk kunnen vinden en of ze voldoende opleiding of werkervaring hebben om werk te kunnen vinden.

7. Houding tegenover werk

Deze gedragsdimensie beschrijft hoe belangrijk iemand het vindt om te werken. Maar ook hoe belangrijk zijn/haar omgeving het vindt om te werken. Deze gedragsdimensie geeft een beeld van de motivatie om te gaan werken. Op basis hiervan kan de professional beoordelen of iemand langdurig het gewenste werkzoekgedrag kan vertonen.

Naast deze gedragsdimensies geeft Metas ook aanvullende informatie over de cliënt.